Willem - inloophuis De Kloof

Wie het eerst komt, die het eerst...

Zonder huis geen voordeur. Waar bel je aan als je dakloos bent? Bij één van onze 8 inloophuizen. Dagelijks lopen daar meer dan 600 mensen de deur plat voor een kop koffie, een warme douche en schone kleding. Willem opent de monumentale groene deur van De Kloof, ons oudste inloophuis op de Kloveniersburgwal.

Bij De Kloof geldt: wie het eerst komt, wie het eerst maalt. Iedereen krijgt buiten op de stoep al een nummertje. Met dit nummer mag je op afroep naar binnen. Maar zo laat is het nog niet. De Kloof gaat om negen uur open. Nog een half uur.

Binnen pruttelt de koffie, weten de heren. Dames zijn er bijna niet. Er staat welgeteld één vrouw voor de deur te wachten; een dame die je hier helemaal niet verwacht. Een dame op leeftijd en keurig gekleed. Misschien is ze wel vrijwilliger. Ze schudt haar hoofd. Ze is dakloos, maar haar verhaal wil ze niet vertellen. Ze wil naar binnen. Ook de mannen zitten niet te wachten op het vertellen van hun verhaal. Ze willen koffie en een tosti. Op dinsdag is er altijd een tosti bij De Kloof.

Buiten slapen: zelfs als het vriest

Veel mannen hebben buiten geslapen vannacht en dragen hun hele hebben en houden op hun rug in opvallend moderne rugzakken. Nog maar een enkeling loopt met een plastic tas. De één zegt de geluiden van de vogels te missen als hij binnen moet slapen. Een ander verklaart het bij een opvang binnen te druk te vinden: “Als je bij het Stoelenproject op de winteropvang moet slapen, krijg je al die verhalen te horen van mensen. Al die ellende van anderen, daar zit ik helemaal niet op te wachten. Je moet ook nog eens op tijd binnen zijn. Man, al die regeltjes. Niks voor mij.” Er wordt geknikt. Buiten slapen is het prettiger. Zelfs als het vriest.

“Hoe vind je mijn broek?” klinkt het ineens. “Zo goed als nieuw toch..?” De man in kwestie draagt onder zijn ‘zo goed als nieuwe’ spijkerbroek dikke donkerblauwe sokken die hij in zijn teenslippers heeft geperst. Hij slaapt al twee jaar buiten. Dag in, dag uit. Een statement naar de samenleving. Weg met de regelgeving!

De held op teenslippers krijgt van een collega buitenslaper een paar kerstsokken toegeworpen. “Wil je ook nog een muts?” grapt dezelfde man en trekt een muts van iemands hoofd. Dat mislukt. Er wordt gelachen. Gedold.

Dan: “Kom op mensen. Het is negen uur. Gooi die deur open!” Twee minuten later mag de eerste naar binnen. Een half uur later gaat er  een bord op de deur: Sorry, De Kloof is vol! Dat moet op last van de brandweer.

Bijna nooit gedonder

Coördinator Willem laat nog net de laatste bezoeker binnen. De man lijkt op Prince. Hij is klein van stuk en komt swingend binnen. Sonja van de registratie krijgt een handkus. Vliegende keep Nikki een knuffel. Beide dames zijn zelf ook dakloos geweest. Ze kennen het klappen van de zweep:  “Als je gebruikt, heb je het eigenlijk nooit koud. Vooral heroïne houdt je warm.”

Gedonder bij de deur is er bijna nooit. Nikki: “Soms is er wel eens iemand zo dronken dat we hem moeten weigeren, maar dat gebeurt bijna nooit. De meeste gasten zijn gewoon hartstikke aardig.” Buiten staan drie mannen voor een dichte deur. Eén van de drie loopt boos weg nadat hij heeft gezien dat de Kloof vol is. De andere twee hebben minder haast. Ze wachten geduldig af. Ooit gaat hij wel weer een keer open. Het blijft toch ook hun voordeur.


De Kloof is de oudste Amsterdamse opvang van dak- en thuislozen, opgericht door de katholieke St. Vincentiusvereniging. Gevestigd in het souterrain van een monumentaal grachtenpand aan de Kloveniersburgwal, midden in het centrum van de stad. Openingstijden: maandag t/m vrijdag, 9-15 uur. Kloveniersburgwal 93, centrum.

 

Foto: Merlijn Michon

 

Wij maken Amsterdam socialer, help je mee?

Aanmelden als vrijwilliger

 

Doneren, machtigen of iets nalaten