opvang de sporthal, Lockdown, corona, amsterdam, dakloos

DAKLOZEN BAAT BIJ LOCKDOWN

Sinds eind maart slapen in Amsterdam heel veel daklozen niet meer op straat. Ze verblijven in een sporthal of in een van de inloophuizen van De Regenboog Groep. Dat is natuurlijk vanwege corona en de lockdown, maar de bijvangst is interessant. Overlast en druggebruik zijn afgenomen, terwijl de psychische en lichamelijke gezondheid sterk is toegenomen.

 

Ilse sliep jarenlang op straat. Nooit liggend trouwens. Zittend slapen voelde veiliger. Ze is een typische zorgmijder en geen makkelijke tante. Ze werd nog weleens geschorst bij de inloophuizen van De Regenboog Groep, omdat ze voor overlast zorgde. “Ilse heeft een sterk ontwikkeld rechtvaardigheidsgevoel”, nuanceert Kathleen Denkers, locatiehoofd van inloophuis Makom. “Bespeurt ze ook maar het minste onrecht, dan zegt ze daar wat van. En bij Ilse wordt ‘zeggen’ al snel ‘schreeuwen’.” Van de oude Ilse is weinig meer over. Ze is milder geworden sinds ze bij inloophuis Makom een slaapplek heeft. “Inmiddels is ze zo opgeknapt dat mensen zich niet kunnen voorstellen dat er ooit een andere Ilse was.”

 

Ook Mats – ruim vijftien jaar dakloos –  is enorm opgeknapt sinds hij bij Makom slaapt. De Noor is het zorgenkindje van de GGD, twee meter lang en nogal aanwezig, niet omdat hij schreeuwt, zoals Ilse, maar omdat hij heel erg stinkt, aldus Kathleen. “Het klinkt misschien als iets heel kleins, maar eigenlijk is het een groot succesverhaal. Sinds Mats niet meer op straat slaapt, maar bij ons, is hij zich gaan douchen. Daarmee is de eerste stap gezet naar zorg.”

 

Hygiënemaatregelen bij de opvanglocaties van De Regenboog Groep: of men de handen reinigt, kleding ruilt en doucht, wordt nu scherp in de gaten gehouden.

 

Katalyserend effect

Op meerdere zorgmijders heeft de lockdown een katalyserend effect. Neem Marek, een Pool van eind dertig. Marek bracht twaalf jaar op straat door. Slapen deed hij nauwelijks. Hij snoof de slaap weg, vrachtwagens vol.  Altijd gedonder. Marek was een jongen die fietsen pikte en regelmatig vastzat. Die trein is eindelijk tot stilstand gekomen, met dank aan corona. Sinds hij binnen slaapt, is Marek tot het besef gekomen dat Amsterdam niet goed voor hem is. Hij kan er in ieder geval niet goed mee omgaan. Marek besloot terug te gaan naar Polen. Kathleen: “Hij belde nog om te zeggen dat hij er was en om ons te bedanken. Het gaat goed met hem.”

 

"Alleen in rust kun je nadenken en plannen maken."

 

Altijd in waakstand

Eind maart deed de gemeente Amsterdam een beroep op HVO Querido, Leger des Heils en De Regenboog Groep. Voor 700 dak- en thuislozen die zich deels in de te krappe opvangbehuizing en deels onder de kwetsbare straatgroep bevonden, moest vanwege het coronavirus veilige nachtopvang worden gecreëerd. Behalve nachtopvang in de inloophuizen, kwam er opvang in leegstaande sporthallen: Caland, Zuid en het Hogendorp Sportcentrum. De Regenboog Groep ontfermt zich over laatst genoemde hal. Els van Koeverden is er locatiehoofd. Net als haar Regenboog-collega Kathleen ziet ze haar slapers met de dag opknappen. En het verbaast haar niets. “Goed slapen is zo belangrijk. Je kunt niet goed nadenken als je slecht slaapt. Dat heb ik zelf al na één nacht, laat staan dat je drie nachten slecht slaapt of een paar jaar achter elkaar. Alleen in rust kun je nadenken en plannen maken. Daklozen hebben nooit de rust. Altijd speelt de vraag: waar slaap ik vanavond? En dan het slapen zelf: op straat. Dan ben je voortdurend bang om te worden weggestuurd door de politie of dat je spullen worden gejat. Je staat altijd in waakstand. Dan kun je geen stappen zetten.”

 

Een onderkomen = een plek waarvan je weet dat je er kunt rusten ...

 

"Het gaat echt een stuk beter met de meeste bezoekers."

 

Minder druggebruik

Zeker 60% van de slapers in de Van Hogendorphal komt bij AMOC vandaan, het inloophuis van De Regenboog Groep voor niet-rechthebbenden. Normaal gesproken kloppen de bezoekers daar aan na een (vaak slechte) nacht buiten. Nu hebben ze binnen geslapen wanneer ze ‘s morgens voor de deur staan. En dat is te merken. “Het is opvallend hoeveel beter het gaat met onze bezoekers”, zegt locatiehoofd Aukje Polder. Ze somt het rijtje extra maatregelen op dat hiervoor heeft gezorgd. “De openingstijden van de inloophuizen zijn verruimd. Mensen kunnen er nu ook in de weekenden terecht. Er zijn extra inloophuizen bijgekomen, in Noord en in de Jordaan. Er is meer rust binnen. We mogen minder mensen toelaten, dus werken we met drie shifts. We hebben nu op enig moment maar twintig mensen in huis, normaal waren dat er wel zestig. Daardoor hebben we driekwart minder agressie-incidenten en zijn er bijna geen schorsingen meer. Dat komt natuurlijk ook omdat mensen gewoon hebben geslapen ‘s nachts. Als je de hele nacht wordt opgejaagd door de politie, van hot naar her moet lopen, dan ga je vanzelf drinken. En wie de hele nacht drinkt of snuift, komt niet in een al te best humeur ‘s ochtends bij ons aan. Nu slapen onze bezoekers in de Van Hogendorphal. Dat merken we. Het gaat echt een stuk beter met de meesten.”

 

"Mensen die normaal voor heel veel overlast zorgen, vragen nu om een bezem om hun kamer aan te vegen."

 

Thuisgevoel

Na jaren trekken, duwen en pleisters plakken, wordt opnieuw bewezen dat een vaste slaapplek helpt. Het is het principe van Housing First. Eerst een huis, dan de rest. Het bestaat al een tijd binnen de drugshulpverlening en wordt over de hele wereld toegepast. Het is bedoeld voor mensen met meervoudige problemen, verslaving, dakloosheid, schulden. Herstel is meteen voelbaar, maar een dak alleen is niet voldoende. “Ook begeleiding is belangrijk”, benadrukt Els en ze spreekt uit ervaring. “Wat ik bij ons in de sporthal merk, is dat mensen behalve van goed slapen ook opknappen omdat er aandacht voor ze is. Ze worden gemist als ze er niet zijn. Ze worden gezien als het even niet zo lekker met ze gaat. Je bént hier echt iemand. Ik vraag aan mensen die niet zijn komen opdagen: waar was je? Waarom was je niet gewoon thuis? We maken ons echt zorgen. Dat voelen mensen. Het hebben van een eigen plekje, geeft een thuisgevoel, al is het een met tape afgezet vierkant in een sporthal. Het is jouw kamer! Het is jouw plek. Dan zie je andere dingen bij mensen naar boven komen. Mensen die normaal voor heel veel overlast zorgen, vragen nu om een bezem om hun kamer aan te vegen. Er worden hier patronen doorbroken.”

 

Op de achtergrond, locatiehoofd van de Van Hogendorphal, Els van Koeverden in actie. "Mensen knappen ook op omdat er aandacht voor ze is."

 

Een keer niet dronken

Erik (25) is een jongen uit Litouwen. Hij drinkt veel. Echt veel te veel. Hij wordt ook heel vervelend als hij dronken is. Maar hij drinkt met een reden. Hij heeft in zijn jeugd nare dingen meegemaakt. "Als ik niet drink", zegt hij, "dan loop ik vast in mijn hoofd." Een maand geleden was hij jarig. Els had een bingo voor hem georganiseerd in de hal. Ze wist ook dat er een grote kans zou zijn dat Erik op zijn verjaardag dronken zou arriveren en de sporthal niet eens in mocht. Ze zei: 'wat nou als je voor de verandering een keer niet drinkt op je verjaardag?' Dat leek hem een te lastige opgave. Toch is het hem gelukt. Zowel de avond van tevoren als op zijn verjaardag zelf heeft hij niet gedronken. Erik kwam om half vijf aan bij de sporthal, met een 'big smile'. Klaar voor de bingo. “Ik wil het niet mooier maken dan het is”, zegt Els, “Erik is daarna nog regelmatig dronken ‘thuis’ gekomen, maar het begin is er. Voor Erik is er iets om niet voor te drinken, een thuis.”

 

Wat na de lockdown?

In zijn 'thuis' – een enorme sporthal met honderd veldbedden – zal binnen afzienbare tijd weer worden gebasketbald. Wat dan? Hoe lang mogen ze hier nog blijven? Die vraag leeft enorm, nu de lockdown wordt versoepeld en het moment dat de veldbedjes weer worden opgeruimd nadert. De locatiehoofden maken zich ook zorgen en voeren intensief gesprekken met hun slapers: welke zorg is er straks? Waar kunnen ze eventueel gaan werken? Bij wie kunnen ze aankloppen? Kathleen: “Wat mij betreft gaan we bij Makom gewoon door met de nachtopvang na corona, mits er geld is natuurlijk. Mensen hebben er zoveel baat bij.” “Het zou de stad niet alleen sieren”, zegt Els, “je voorkomt er ook een hoop problemen mee wanneer je mensen een dak boven hun hoofd biedt. Het voorkomt dat mensen in een neerwaartse spiraal belanden, wat de samenleving veel meer geld kost dan een dak met wat begeleiding.”

 

Mensen onder elkaar: Mike en Els van De Regenboog Groep.

 

Huizen bouwen

Ook de politiek kan rekenen en besluit met 200 miljoen euro extra over de brug te komen, bedoeld voor structurele oplossingen. Die beslissing was al eerder genomen en heeft niets met corona te maken, maar de belofte blijft.

“Dakloosheid is primair een huisvestingsvraag”, zegt Paul Blokhuis in een eerder interview met De Regenboog Groep. “We hebben vanuit het ministerie van VWS in totaal 43 centrumgemeenten gevraagd naar hun daklozenpopulatie in de opvang. Wat blijkt: bijna de helft van de daklozen hoeft helemaal geen zware begeleiding. Nu betalen we 30.000 tot 40.000 euro per persoon per jaar voor opvang, terwijl deze mensen volgens de gemeenten in staat zijn zelfstandig te wonen, of hooguit met lichte begeleiding. We hoeven voor deze groep dus helemaal geen ingewikkelde fratsen uit te halen.”

 

Huizen bouwen dus? “Dat is inderdaad de grootste uitdaging: voldoende woningen beschikbaar stellen. Tegelijkertijd voel ik als staatssecretaris van VWS de verantwoordelijkheid om de begeleiding te bieden die nodig is. En we hebben het ministerie van Sociale Zaken natuurlijk hard nodig bij zaken als de schuldhulpverlening, toeleiding naar werk en de toepassing van de kostendelersnorm. Maar er gaat zeker worden gebouwd. Ook voor daklozen. Tot voor kort zaten we in de langspeelplaat: we gaan bouwen, maar daklozen mogen achteraan aansluiten. Juist deze investering van 200 miljoen biedt de minister van Binnenlandse Zaken een goede opening in het voeren van gesprekken met woningcorporaties en andere verhuurders: er is een zak geld voor begeleiding, zodat jullie huurders straks ook goede huurders blijken te zijn. Het doel is mensen minder lang in de opvang te laten zitten en sneller aan een woning te helpen. Daar worden mensen gelukkiger van en het systeem goedkoper.”

 

Laagdrempelige nachtopvang

“Huizen beschikbaar stellen voor daklozen is natuurlijk een prachtig idee”, aldus Aukje, “maar een heel groot deel van onze bezoekers komt daar niet voor in aanmerking, dus we blijven ook pleiten voor laagdrempelige nachtopvang. Veel hoeft het niet te kosten. Een stretcher, meer is er niet nodig om een hoop problemen te voorkomen. Kijk hoe waardevol de tijdelijke corona-nachtopvang is.”

 

De tijdelijke noodnachtopvang in de Van Hogendorphal. Voor iedereen 4 m2 met daarop een veldbed, een tafel en een stoel.

 

 

Tekst: Nicolline van der Spek   |   Foto's: Merlijn Michon

De namen van de deelnemers zijn gefingeerd in verband met privacy.

 

Wij maken Amsterdam socialer, help je mee?

Aanmelden als vrijwilliger

 

Doneren, machtigen of iets nalaten