Fazal en Zoe, maatjes, de regenboog, ervaring, nieuwkomers

HET SMAAKT NAAR MEER

Fazal en Zoë kennen elkaar niet. Ze spreken elkaar voor het eerst  bij Zoë thuis op de bank. Wat ze gemeen hebben is dat ze allebei sinds kort een maatje begeleiden bij De Regenboog Groep. Hoe bevalt het vrijwilligerswerk tot nu toe?

Zoë is ZZP’er en kwam door de coronacrisis zonder werk te zitten. Ze ging op zoek naar vrijwilligerswerk en zocht bewust naar een organisatie met een menselijk gezicht. Sinds een paar maanden trekt ze op met een jonge vrouw die kampt met angsten.

Fazal komt uit Aghanistan en woont 20 jaar in Nederland. Hij werkte bij een bedrijf dat opdrachten uitvoert voor overheidsinstanties (IND, Justitie, Politie etc.), maar raakte door reorganisaties zijn baan kwijt. Nu werkt hij sinds een paar maanden als vrijwilliger bij De Regenboog Groep. Hij is gematcht aan een statushouder uit Afghanistan.

Fazal: Wat was jouw verwachting eigenlijk van het vrijwilligerswerk bij De Regenboog Groep?

Zoë: Ik had eerlijk gezegd geen idee.

Fazal: Hoe vind je het tot nu toe?

Zoë: Het smaakt naar meer. Ik haal er voor mezelf ook heel veel uit, merk ik en dan bedoel ik vooral het menselijke contact. Ik werkte vanuit huis, nog voordat het hip werd, zeg maar, en trek nu gezellig met iemand op. Maar wat ik echt belangrijk vind, is dat je met dit werk impact hebt. En jij?

Fazal:  Ik heb precies hetzelfde. Je komt met iemand in contact en ziet de dank in zijn ogen. Je krijgt ook complimenten. Dat is niet in woorden uit te drukken. Onze koning heeft het over een participatiemaatschappij. Dit is het steentje dat ik bijdraag. Ik heb ergens gelezen dat eenderde van de Nederlanders maar een keer per jaar vrijwilligerswerk doet. Daar schrok ik van, zo weinig.

fazal en zoe, vrijwilligers, maatjes, nieuwkomers, ervaringen

Zoë: Misschien heeft het ook met cultuur te maken. Nederland is zo’n individualistische samenleving geworden. Ik ben zelf half-Indonesisch. Is bij ons een achtertante ziek, dan sta je meteen op de stoep. Je hélpt elkaar. Dat is in de Nederlandse cultuur een stuk minder vanzelfsprekend naar mijn idee.

Fazal: Dat vind ik ook zo mooi van De Regenboog Groep. In mijn interpretatie staat de Regenboog voor ‘saamhorigheid’. Er wordt veel over sociale cohesie gepraat en gesproken,  maar de Regenboog brengt het in de praktijk. We leven in een ik-samenleving. In de kleine lettertjes van de Regenboog staat: wij. Het is een organisatie die mensen samenbrengt.

Zoë: Maar voel je je al een beetje thuis bij de Regenboog? Zelf heb ik nog maar één keer intervisie gehad bijvoorbeeld, op de zoom. Wel ben ik een paar keer op de Droogbak geweest, gewoon om af te spreken met mijn maatje. We konden nergens anders heen met corona en het bleef maar regenen...daarom moesten we wel ergens binnen afspreken.

Fazal: Ik voel me op mijn gemak bij de Regenboog. Waarom? Ik weet wat statushouders moeten doormaken. Ik ben zelf asielzoeker geweest. Dat is anders dan praten tegen een psycholoog. Die kan je wel tips geven, maar hij weet niet wat jij hebt meegemaakt.

Mijn maatje houdt me soms een spiegel voor, daar leer ik van.

Zoë: Hoe vond jij eigenlijk de training die we gekregen hebben bij de Regenboog?

Fazal: Ik was vrijgesteld voor de cursus vanwege mijn ervaring met statushouders. Maar ik kan wel zeggen dat ik de begeleiding bij de Regenboog heel goed vind. Als er wat is, kun je altijd terecht.

Zoë: Dit is mijn eerste kennismaking met vrijwilligerswerk, een goede instap, denk ik voor wie ook vrijwilligerswerk overweegt. Het vergt niet veel van je tijd. Ik spreek elke week af met mijn maatje. Wel moet ik eerlijk toegeven dat het in het begin even wennen was. Ik wist niet zo goed wat mijn rol nou precies was. Ben je nou hulpverlener of gewoon een maatje? En wat mag je wel en niet doen als maatje? Ben jij altijd degene die luistert of mag je ook zelf je verhaal vertellen? Laatst was ik verdwaald  tijdens een audiotour. Toen nam ze mij dus mee op sleeptouw! Ergens werkt dat ook wel weer goed. Zelf heb ik een paar jaar geleden een burnout gehad en heb ik ADHD. Ik weet hoe complex sommige mentale uitdagingen zijn. Mijn maatje houdt me best vaak een spiegel voor. Zij leert van mij, ik van haar.

Fazal: Wat het voor mij soms lastig maakt is dat ik met een bepaald temperament naar mijn maatje ga en dan met een heel ander temperament thuis kom. Door zijn verhalen – zijn sombere verhalen – moet ik automatisch terugdenken aan mijn eigen tijd als vluchteling en die rugzak neem ik mee naar huis. Dat maakt het mentaal best zwaar.

Zoë: Het kan inderdaad confronterend zijn. Maar dat leer je dan weer op de cursus: hoe zorg je dat je de problemen niet mee naar huis neemt.

Tekst: Nicolline van der Spek; Fotografie: Merlijn Michon

Wij maken Amsterdam socialer, help je mee?

Aanmelden als vrijwilliger

 

Doneren, machtigen of iets nalaten