placeholder

DE DEFINITIE VAN IETS BETEKENEN: INLOOPHUIS-HELDIN WENDY

Geplaatst op 18 september 2026

Ze begon als vrijwilliger, deed de administratie, bardienst, ‘douche en kleding’. Ze was dagcoördinator, locatiehoofd en nog veel meer. Onlosmakelijk verbonden met het inloophuis. Tot privéomstandigheden een spaak in het wiel staken. Powerhouse Wendy Broekhof blikt terug op twaalf speciale jaren en schetst zonder voorbehoud wat het is om “Regenboog te zijn”.

“Ik ben natuurlijk niet weggegaan omdat ik het niet leuk meer vond”, zegt ze. We zijn in haar gezellige huis in Het Gooi en hebben het over haar achtjarige zoon Sergio die diabetes heeft. Wendy windt er geen doekjes om. “We kwamen daar al vroeg achter. Daarna heb ik nog zes jaar kunnen doorwerken. Maar, hoewel de medische vooruitgang op dit gebied indrukwekkend is, moet je het nog wel continu monitoren. Dus de keuze om te stoppen, heb ik uiteindelijk toch moeten maken. Maar om nou te zeggen dat het vuur is gedoofd ...”

Inloper

Bij Wendy ontstond dat vuur nogal spontaan toen ze op tienjarige leeftijd door haar moeder werd meegenomen naar de film Christiane F. over het leven van een Duitse heroïneverslaafde prostituee. “Die film maakte zo'n indruk op me. Ik dacht: dat moet anders kunnen. Deze mensen moeten worden geholpen. Dat werd al snel: oké, ik wil íéts betekenen voor mensen.” Dus volgden studies op het gebied van sociaal werk, jeugdzorg en pedagogie, en een reeks verantwoordelijke functies bij verschillende zorginstanties. “Ik werkte bij de Weekend Academie met groepen jongeren. Met hen wilde ik tijdens de feestdagen wat doen voor dakloze mensen, zodat ze een idee van die wereld kregen. Ik kwam bij De Regenboog Groep terecht en dat was zó raak. “Jij bent een inloper”, werd er tegen me gezegd. Geen idee wat dat betekende. Het bleek werken in de dagopvang te zijn: mensen welkom heten, wat te drinken geven, praten en vooral heel goed luisteren. Zo mooi. Voor mij de definitie van iets betekenen.”

Iemand in het inloophuis bij zijn naam noemen

Ze begon met een dagdeel vrijwilligerswerk bij De Kloof, het inloophuis op de Kloveniersburgwal. Dat werden twee dagdelen. En vervolgens twee hele dagen. Toen kreeg Wendy een baan als coördinator aangeboden. De interessante vraag is natuurlijk, waarom past het haar allemaal zo goed? Iets waar ze een uitgesproken antwoord op heeft. “Ik herinner me uit het begin nog goed, dat …we noemen hem even Jack …binnenkwam. Nat van de regen, ongewassen, doodmoe. Hij mompelde zijn naam. Ik zei: ‘Ga eerst maar even lekker douchen’, en legde schone kleren voor hem klaar, schonk daarna thee voor hem in, en zei toen iets als: ‘Hee Jack, lekker gedoucht?’ Hij keek me aan en zei: ‘Hoe weet jij mijn naam?’ Met een soort blijheid in zijn ogen. Ik dacht: ‘Oké, zoveel betekenis kan dit werk voor mensen hebben dus.”

placeholder

Wendy tijdens Ladies Night in inloophuis Princehof - met bezoekster Wil

Baby

Het ene na het andere leuke moment volgde. Tijdens karaokeavonden, waarbij bezoekers “van Roemeense tranentrekkers, naar Turkse house, naar Hollandse smartlappen” gingen. Bij bingo's en voetbalmiddagen. De mooie nieuwe projecten, zoals de Nachtopvang in Zelfbeheer en LHBTIQ+-nachtopvang. En de door dakloze bezoekers “uit winkels meegenomen” cadeautjes die ze kreeg op haar verjaardag. “Ik zei meteen: ‘Heel leuk jongens, maar dat gaan we wel terugbrengen.’” Plus, in haar woorden: “Natuurlijk de onvermijdelijke dosis leed.” Het verhaal van een inmiddels gestorven bezoekster van de gebruikersruimte springt eruit. “Monika. Diehard gebruiker, vanaf haar veertiende. Spring in ‘t veld, altijd even hartelijk. ‘Noem mij maar Baby’, zei ze. Ook kon ze erg mooi zingen; Jolene van Dolly Parton bijvoorbeeld. Dat was voor ons een heel speciaal nummer. Maar we maakten ons allemaal zorgen. Ze was broodmager, sliep natuurlijk ook op straat.”

Het echte eerlijke verhaal

Monika kwam in de gevangenis terecht. Wendy zocht haar vaak op en zag dat het best goed met haar ging. “Na twee jaar stond er een onherkenbaar mooie vrouw voor de deur. Als een razende Roeland gingen wij in de weer om van alles voor haar te regelen. Maar ze viel snel terug. Als je het echte eerlijke verhaal van de Regenboog vertelt, hoort dit er natuurlijk ook bij. Mensen vroegen weleens: ‘Hoe houd je het vol?’ Je krijgt vanuit de organisatie heel goede ondersteuning. En het lukt niet altijd helemaal, maar je bent wel dagelijks bezig iets voor mensen te betekenen. Daar krijg je zoveel energie en kracht van, dat voel ik nog steeds.”

 

Tekst: Gijs de Swarte | Foto's: Ewa Wielgat en Merlijn Michon | Eindredactie: Jola Gosen

Nieuws

Lees hier wat wij allemaal meemaken en wat ons in beweging brengt.